De kinderen in groep 3 leren lezen met 'Veilig leren lezen'

VEILIG LEREN LEZEN
Hoe leren we lezen?
Wat is belangrijk bij schrijven?

Om te leren lezen gebruiken we de methode "Veilig leren lezen ". Kortweg VLL.
Veilig leren lezen is de meest gebruikte methode om de kinderen het leren lezen aan te bieden.
Op school werken wij met de vernieuwde Kim versie.

Veilig leren lezen begint met kern Start, daarna volgen kern 1 t/m 11.
We hebben eigenlijk dus nog steeds 12 kernen.
Elke kern heeft een eigen kleur en een eigen thema.
Ook veel verwerkingsmaterialen hebben die kleur, zodat de kinderen weten wat ze kunnen gebruiken.

Aan de hand van aangeboden afbeeldingen met bijhorende woordjes leren de kinderen de letters.
De aangeleerde letters spreekt uw kind uit met hun klank, dus niet met de alfabetnaam van de letters.
Uw kind zegt dus mmmm en rrrr in plaats van ‘em’ en ‘er’ . Het is heel belangrijk dat u dat ook doet.

Aan de hand van de oefeningen in de klas ontdekt uw kind langzaam maar zeker het systeem van ons schrift: woorden bestaan uit losse letters en met die losse letters kun je oneindig veel
nieuwe woorden maken.
Linken/downloadversies
‘Vis’ bestaat uit de letters v-i-s, laat je de v weg dan heb je ‘is’ en met de ‘m’ van ‘maan’ krijg je het woordje ‘mis’.
Het lijkt zo simpel, maar voor kinderen is dit een heel belangrijke ontdekking.
Sommige kinderen ontdekken in de woorden niet alleen de letter die bij dat woord wordt aangeboden (zoals –r van roos) maar ze ontdekken ook de klanken van de andere letters: -oo- en –s-.
Voor sommige kinderen is het een extra uitdaging om ook met die letters te experimenteren.

Vanaf het begin van het schooljaar tot en met december/begin januari behandelen wij de kernen start en 1 t/m 6. Elke kern duurt 2 weken.
Vanaf januari tot en met juni behandelen wij de kernen 7 t/m 11. Elke kern neemt 3 weken in beslag.
Na elke kern is er een afronding middels een toets waarbij de leerkracht kan zien waar een kind op uit valt en waar gaan we nog aan werken.

Lesstof per kern:

Kern Start :
In deze kern leert uw kind:
•Letters: i - k - m - s
•Woorden: ik - kim - sim

Kern 1:
In deze kern leert uw kind:
•Letters: p - aa - r - e - v
•Woorden: kip - aap - raak - rem - vis

Kern 2:
In deze kern leert uw kind:
•Letters: n - t - ee - b - oo
•Woorden: maan - pet - meet - been - boot

Kern 3:
In deze kern leert uw kind:
•Letters: d - oe - z - ij- h
•Woorden: doos - doek - zee - ijs - haar

Kern 4:
In deze kern leert uw kind:
•Letters: w - o - a - u - j
•Woorden: wip - zon - zak - bus - jas

Kern 5:
In deze kern leert uw kind:
•Letters: eu - ie - l - ou - uu
•Woorden: jeuk - ziek - lijm - hout - vuur

Kern 6:
In deze kern leert uw kind:
•Letters: g - au - ui - f - ei
•Woorden: mug - saus - muis - duif - geit

Alle letters compleet
In de kernen 1 tot en met 6 heeft uw kind alle letters geleerd. In principe kan het nu eenvoudige eenlettergrepige woorden lezen. Alleen moet het herkennen van woorden nu nog worden versneld en geautomatiseerd. In de kernen 7 tot en met 12 leert uw kind woorden lezen die wat moeilijker zijn.
Dit zijn de lastige eenlettergrepige woorden zoals kist, drop, hond, slang, bank, springt, meeuw, ja, zo en woorden van twee en drie lettergrepen. Ook oefent uw kind om niet meer spellend te lezen.
Die lastige eenlettergrepige woorden worden niet allemaal tegelijkertijd aangeboden en geoefend. Ze zijn verdeeld over verschillende kernen.

Kern 7:
De nieuwe woordtypen in kern 7 zijn:
* eenvoudige samengestelde woorden, zoals zakdoek;
* woorden van één lettergreep die eindigen op twee medeklinkers, zoals laars;
* woorden van één lettergreep die beginnen met twee medeklinkers, zoals kroon;
* woorden van één lettergreep die beginnen met sch-, zoals schoen;
* woorden van één lettergreep die eindigen op -ng, zoals ring;
* woorden van één lettergreep die beginnen met een hoofdletter,zoals Pien.

Kern 8:
De nieuwe woordtypen in kern 8 zijn:
• woorden van één lettergreep die beginnen én eindigen met twee medeklinkers, zoals sterk;
• woorden van één lettergreep die eindigen op -b of -d, zoals web en goud;
• woorden van één lettergreep die eindigen op -nk, zoals bank;
• woorden van één lettergreep die eindigen op -ch(t), zoals lach en bocht;
• woorden van één lettergreep die beginnen met een schr-, zoals schrift;
• verkleinwoorden van twee lettergrepen, zoals muisje, boompje en stoeltje;
• Woorden eindigend op -eer, -oor, -eur
• woorden van één lettergreep die eindigen op -a, -o, of -u, zoals sla, vlo en nu.

Kern 9:
De nieuwe woordtypen in kern 9 zijn:
* samengestelde woorden van twee lettergrepen met letterclusters, zoals hijskraan;
* woorden van één lettergreep met een cluster van drie medeklinkers vooraan of achteraan, zoals strik en
markt;
* woorden van één lettergreep die eindigen op -aai, -ooi of -oei, zoals haai, kooi en roei;
* woorden van twee lettergrepen die eindigen op -e, zoals korte;
* woorden van twee lettergrepen die eindigen op -en, -er of -el, zoals bloemen, tijger en mantel;
* woorden van twee lettergrepen met in het midden twee dezelfde medeklinkers, zoals takken;
* woorden van twee lettergrepen met het voorvoegsel be-, ge- of ver-: betaal, gezien en vertel.

Kern 10:
De nieuwe woordtypen in kern 10 zijn:
* woorden van één lettergreep die eindigen op -eeuw, -ieuw of -uw, zoals: leeuw, nieuw en duw;
* woorden van één lettergreep die eindigen op vier medeklinkers, zoals: herfst en sterkst;
* woorden van twee lettergrepen waarvan de eerste lettergreep een open lettergreep is, zoals: bomen;
* woorden van twee lettergrepen die beginnen met twee of drie medeklinkers en waarvan de eerste
lettergreep een open lettergreep is, zoals: knopen en strepen;
* woorden van een of twee lettergrepen met in het midden van het woord -ng-, -nk-, -ch- of -aai-, -ooi-, -oei-,
zoals: langzaam en zwaaien;
* woorden van een of twee lettergrepen met in het midden van het woord -eeuw-, -ieuw- of -uw-, zoals:
leeuwen en ruwe.

Kern 11:
De nieuwe woordtypen in kern 11 zijn:
* woorden van twee lettergrepen die eindigen op -ig of -lijk, zoals: veilig en eerlijk;
* woorden van twee lettergrepen die eindigen op -ing, zoals: buiging;
* samengestelde woorden van drie lettergrepen, zoals: prentenboek en inpakken;
* verkleinwoorden van drie lettergrepen die eindigen op -je, -pje of -tje, zoals: leesboekje, bezempje en
appeltje;
* woorden van twee of drie lettergrepen die beginnen met on- of ont-, zoals: onweer en ontbijt;
* woorden van drie lettergrepen die beginnen met be-, ge- of ver-, zoals: bedoelen, gevaren en vertellen.


Er is veel aandacht voor automatisering;
Vanaf het begin zijn we hier mee bezig door middel van:
- Letters oefenen
- Onze nieuwe magnetische letterdozen
- Klikklakboekje
- Veilig&vlot boekjes
- Letters /woorden in de leesboekjes.
- Praatplaten

Vooral Veilig & vlot wordt gebruikt om de geleerde woorden vlot te leren lezen. Dit kunnen ze zelfstandig doen. De woorden hebben we eerst gezamenlijk geoefend .

Zelfstandig werken;
Na de verplichte opdrachten in hun werkboekje , het lezen in veilig & vlot en het VLL programma op de computer kunnen ze kiezen uit:
- lezen in een boekje wat past bij hun leesniveau
- stempelen
- klik klak boekje
- letterdoos
- spelletjes uit de kast
- extra verwerkingsbladen
- mini loco

Schrijven in groep 3
Ook onze schrijfmethode "Pennestreken" is vernieuwd en sluit naadloos aan bij de letters en woorden die uw kind bij VLL leert.

Onder meer voor het schrijfonderwijs in groep 3 is het belangrijk dat de fijne motoriek van je kind goed ontwikkeld is. Dat betekent dat hij zijn vingers en handen goed kan inzetten om precieze werkjes te doen: knippen, prikken en kralen rijgen bijvoorbeeld.

Sommige kinderen kunnen wel wat extra oefening gebruiken. Wat kun je je kind laten doen om zijn fijne motoriek te ontwikkelen?

- Kleuren
- Kralen rijgen
- Een tol laten draaien
- Knutselen
- Kleien
- Ministeck
- Pepernoten bakken
- Prikken
- Knippen
- Gezelschapspelletjes: Vier op een rij, vlooienspel, Jenga, Mikado
- Knikkeren
- Voelspelletjes: voorwerpen herkennen onder een theedoek
- Met een pincet kleine propjes oppakken
- Puzzelen
- Strijkkralen
- Schaduwfiguren maken met je handen
- Tekenen, en natuurlijk: schrijven

De motoriek van het schrijven: een goede pengreep
Bij een goede greep wordt het potlood of de pen vastgehouden tussen duim en wijsvinger, ongeveer 2 tot 2,5 cm boven de punt. Het potlood of de pen ligt daarbij op het kootje van de middelvinger, net onder het nagelbed. Het is niet noodzakelijk dat het potlood of de pen naar de schouder wijst. Schuin naar buiten is ook goed.

Het is belangrijk dat je kind kan schrijven met een goede potlood- of pengreep. Een verkeerde greep kan de vloeiende beweging bij het schrijven op den duur belemmeren. In een later stadium van het schrijfonderwijs kan een verkeerde greep leiden tot verkramping en tempoverlies.